Le genocide armenien


 

 

 




Post van het terrein
Karel Janssens, landverantwoordelijke van AZG in Kebkabya, in Noord-Darfur

Door Karel Janssens

• Dinsdag 12 september

Kebkabya, een zanderig stadje in Noord-Darfur. Alle hutjes en huizen zijn er opgetrokken uit een mix van bruinige klei, dito stenen en strooien daken. Het vuilnis ligt opgehoopt in de straten, geiten scharrelen er hun armzalig kostje bijeen en peuters-met-snottebellen waggelen kraaiend achter een fietsvelg aan...

Overal in het stadje lopen er ezels rond, overladen en afgejakkerd door hun baasjes. Op marktdagen lopen er ook nomaden met hun dromedarissen. Kebkabya is niet omgeven door vluchtelingenkampen zoals de naburige steden El Fasher en Nyala, maar heeft de ontheemden als het ware “opgeslorpt” in haar wijken. Meerdere families leven samen in één wooncomplex, de buitenwijken zijn “gegroeid” maar kan je (nog) geen “kampen” noemen.

Ik had niet veel tijd nodig om de opdracht van projectleider in Noord-Darfur te aanvaarden. Dit is het soort omgeving waarin AZG haar beste beentje kan voorzetten, en het verschil kan maken. De Belgische afdeling van AZG runt hier drie medische centra (of “dispensaries”): “Safa dispensary”, “North dispensary” (een deel hiervan is specifiek bestemd voor vrouwen: met pre- en postnatale zorg, medische zorg voor verkrachte vrouwen, enz.) en “East dispensary” waar ook een voedingscentrum is ingericht. Ondervoede kinderen krijgen hier speciale therapeutische voeding, en aan de moeders wordt uitgelegd hoe ze deze voeding ook thuis kunnen klaarmaken, en hoe belangrijk het is om de kinderen te wassen en warm te houden – om hen voor infecties te behoeden.

Eind juni ontdekten we een erg fragiele voedselsituatie in Noord-Darfur, als gevolg van een hongerkloof. De regenval is pas laat begonnen, en de oogst is nog ver weg. De voorbije weken merken we een toename van zwaar ondervoede kinderen in onze voedselcentra. We verwachten dat de behoefte aan dit soort steun in de komende maanden nog zal toenemen.

Maar vandaag is er goed nieuws uit ons voedingscentrum in East dispensary. Yachia, een blind jongetje van een jaar of drie, is 700 gram bijgekomen in amper vijf dagen. Onze verpleegster Cecile is gelukkig, ze brengt heel wat tijd door in het voedingscentrum. Sinds een paar weken is het daar een kleine overrompeling: elke dag krijgen we nieuwe peuters binnen.

De AZG-centra vormen zowat de enige plek waar je in dit stadje (kwaliteitsvolle) basisgezondheidszorg kan krijgen. AZG is nodig in Darfur. De burgerbevolking vraagt om onze bijstand. Ze merken het verschil die dit maakt in hun dagelijkse leven.

• Woensdag 13 september

Om 08u30 is het ochtendvergadering met de volledige staf. Eerst overlopen we het laatste nieuws: Is alles rustig gebleven in de stad deze nacht? Is er nieuws over de UN? Sturen ze troepen naar Darfur? Daarna overloop ik de activiteiten van de dag. Deze vergadering is broodnodig opdat iedereen weet wie wat doet.

In Kaguro, een bergdorpje op zo'n 3 uur rijden, is het marktdag. Er is een AZG-gezondheidscentrum, dat op een dag als deze heel wat volk over de vloer krijgt. Maar het nieuws uit de bergen is niet goed: acht van de twaalf nieuwkomertjes in het voedingscentrum deze week hebben oedeem, één van de kenmerken van ondervoeding. Ze zijn als het ware 'opgeblazen van de honger'. De situatie lijkt er week na week te verslechteren.

De slechte veiligheidssituatie verhindert ons bovendien het project goed op te volgen.
Hoewel erg gemotiveerd, heeft het personeel in Kaguro slechts een basisnotie van medische zorg. Dat is geen probleem, zolang er regelmatig een medisch team (bestaande uit een dokter en een verpleegster) kan langsgaan. Maar dat is al een maand niet meer mogelijk. Eén van onze terreinwagens werd toen overvallen, even buiten Kebkabya, en sindsdien werden alle tochten, ook naar andere medische centra, voor onbepaalde tijd stopgezet.

Op dit ogenblik voelen we ons absoluut niet veilig in Darfur. Vele ngo’s worden bestolen. Zo vielen in juli drie gewapende mannen in uniform het AZG-huis binnen in Serif Umra, in het midden van de nacht. Iedereen, ook de lijfwachten, moest op de grond gaan liggen. Het regende, en een heel uur lang voelde iedereen de loop van verschillende geweren op zich gericht. Het doel van de aanval was duidelijk. Ze wilden onze wagens, maar ook de satelliettelefoon en waardevolle voorwerpen werden meegenomen.

Hulporganisaties verliezen ook vaak Soedanese collega’s. Zij die er nog zijn, dragen traumatische gebeurtenissen met zich mee. De onveiligheid treft niet enkel de bevolking, maar bemoeilijkt ook steeds meer de humanitaire hulp. Het is moeilijk te aanvaarden dat gewapende aanvallen op ons, humanitaire werkers, rampzalige gevolgen hebben voor de bevolking, die onze hulp meer dan ooit nodig heeft.

Vandaag controleer ik onze noodvoorraad. Er is cholera gesignaleerd in de hoofdstad van Noord-Darfur, El Fasher, en ook in de bergen ten zuiden van ons, een dagreis van hier. Dankzij onze voorraad, kan AZG in geval van cholera, een behandelingseenheid opzetten en die drie dagen lang autonoom runnen. Na die termijn kan de veel grotere cholerakit worden overgevlogen vanuit El Fasher.

Net voor de avondklok ingaat (om 19u) sluit ik het bureau af en schuif ik mee aan tafel bij de rest van het team, om bij het licht van olielamp en kaarsen te genieten van een portie gevulde paprika’s met rijst. Op het moment dat we gaan slapen, klinken er enkele schoten in de omgeving. Het is niet altijd duidelijk of het om “happy shooting” gaat (het opluisteren van bruiloften en andere feesten met wat geweergeknal) dan wel om dronken soldaten of angstige politieagenten.

Als het laatste schot wegebt, val ik als een blok in slaap.

• Donderdag 14 september 2006

Midden in de nacht schiet ik wakker door het geluid van de metalen watertank die een plotse “bonk” laat horen. Vervolgens is het muisstil. Er is zelfs geen ezel die balkt. Met een zaklamp maak ik een tochtje doorheen het wooncomplex. De twee lijfwachten, stevig ingeduffeld tegen de koude, zijn ook wakker.

Om zes uur komt de zon op boven Kebkabyia en de omliggende bergen. Het zicht is weergaloos. Weer een nacht voorbij zonder incidenten.